Feest was het zondag in Cadiz (Spanje) en in Sigulda (Letland), want zowel de Jong Oranje U18 meisjes als jongens veroverden een felbegeerd ticket voor het EK deze zomer. Voor manager topsport zaalvolleybal Jeroen Rauwerdink een mooi eerste signaal dat ‘het nieuwe model met de Pré Jeugd regio zijn vruchten afwerpt.’
Pré Jeugd is het programma bij de Nevobo dat in het seizoen 2024/2025 werd geïntroduceerd. Het heeft de RTC's vervangen. Opzet: talentvolle jeugd krijgt hiermee de kans om in hun regio extra trainingen te volgen. De Pré Jeugd-groep volgt in de periode september tot en met juni minimaal 24 indoortrainingen en acht beachvolleybaltrainingen onder leiding van vakbekwame trainers. Naast de trainingen in de regio krijgen die sporters ook de kans om een aantal keer te trainen op Papendal en Sportcampus Zuiderpark. Daar kunnen ze, onder leiding van de bondscoaches van de jeugdprogramma's, het topsportleven ontdekken.
Compliment aan partijen
Uit die eerste lichtingen zijn grotendeels de teams van Jong Oranje U18 voor dit seizoen samengesteld. “Dan is het mooi dat we ook al de eerste succesjes kunnen noteren”, zegt Jeroen Rauwerdink, manager topsport zaalvolleybal op Papendal. “Dat is tegelijk een groot compliment aan alle partijen die bijdragen aan de talentontwikkeling van jonge spelers.”
Beide teams plaatsten zich afgelopen week ongeslagen voor het EK. Voor de jongens was het al even geleden dat de lichting U18 zich op eigen kracht voor een EK kwalificeerde. De laatste keer was in 2007, met spelers uit lichting 89/90 onder wie Gijs Jorna en Robbert Andringa. Dat team werd op het EK in Oostenrijk zesde.
Volgende stappen
Twee jaar daarna organiseerde Nederland het EK en hoefde het team (91/92) zich niet te kwalificeren. Ook toen eindigde Nederland, met onder meer Nimir, op een zesde plek.
Rauwerdink: “Het is een mooie opsteker ook voor het ambitieniveau binnen de jongenslijn en een inspiratie voor jonge spelers. Komende maanden gaan ze weer intensief trainen en zullen ze de volgende stappen moeten gaan zetten om zich straks op het EK tegen nog betere teams te meten.”
De meisjes waren de afgelopen jaren veel vaker op eindtoernooien vertegenwoordigd.
EK’s deze zomer
De jongens spelen van 7 tot en met 18 juli het EK in de Italiaanse steden Porto San Giorgio en Cisterna di Latine. Naast Nederland zijn Duitsland, Roemenië, Tsjechië, Frankrijk, Turkije, Servië, België, Griekenland, Bulgarije, Finland, IJsland, Polen, Slovenië, Spanje en gastland Italië van de partij.
De meisjes spelen daarvoor het Europees kampioenschap van van 1 tot en met 12 juli in Riga (Letland) en Šiauliai (Litouwen). Daar treft Nederland in Bulgarije, België, Nederland, Tsjechië en Frankrijk, Griekenland, Spanje, Duitsland, Finland, Hongarije IJsland, Italië, Polen, Turkije en de gastlanden Litouwen en Letland de mogelijke tegenstanders. De loting voor beide EK’s vindt plaats op 8 april.

